logisch positivisme

Stroming in de filosofie die begon met de oprichting van de Wiener Kreis en eindigde in de jaren zestig van de twintigste eeuw. De centrale stelling van deze beweging is het verificatieprincipe, volgens welke uitspraken alleen zinvol zijn als ze bevestigd of weerlegd kunnen worden door zintuiglijke ervaring of als ze herleid kunnen worden tot de betekenis van woorden. Het criterium wordt gebruikt om wetenschappelijke van niet-wetenschappelijke uitspraken te kunnen onderscheiden, met andere woorden uitspraken die waar noch onwaar zijn, zijn zinloos. In die lijn van redeneren komen de logisch-positivisten tot hun veroordeling van waarheidsaanspraken van de metafysica, de esthetica, de godsdienst en de ethiek. De belangrijkste vertegenwoordigers zijn Carnap Moritz Schlick en Alfred Ayer.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.