Wiener Kreis

Kring van filosofen die zich begin jaren twintig rond de Weense filosoof Moritz Schlick vormde en die zich bij uitstek bezighield met problemen op het gebied van de wetenschapsfilosofie. De tendens van deze school was antimetafysisch. Metafysische problemen zijn schijnproblemen die ontstaan door het onzuiver gebruik van de taal.
Na de dood van Schlick in 1936 viel de kring uiteen, maar de filosofie bleef zeer invloedrijk en vond vooral weerklank in de Angelsaksische landen onder de naam logisch positivisme.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.