metafysica

(Grieks: meta ta physica = wat na de natuur komt) De filosofische discipline die zich bezighoudt met de 'laatste dingen', die op zoek gaat naar de diepere gronden en de laatste doelen van het leven en de werkelijkheid. De naam is afkomstig uit de filosofie van Aristoteles. In zijn verzamelde werken volgden de boeken waarin de principes en de oorzaken van de dingen worden onderzocht na de boeken over de fysica.
De metafysica overstijgt uiteindelijk het terrein van de ervaring, om kennis te verkrijgen over datgene wat niet voor de zintuigen toegankelijk is, in het bijzonder over de 'laatste grond van alle dingen', met andere woorden God.
Hoewel tal van filosofen de metafysica de doodsteek beweerden te hebben gegeven (Kant was van hen de meest overtuigende), stak ze steeds weer de kop op. Dat was voor Schopenhauer aanleiding om te spreken over een aangeboren 'metafysische behoefte van de mens'.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.