Rudolf Carnap

(1891-1970) Duits-Amerikaanse filosoof, was een van de twee toonaangevende filosofen van de Wiener Kreis (Moritz Schlick was de andere). Emigreerde in de jaren dertig naar de VS. Net als alle neopositivisten ziet hij het als de taak van de filosofie uit te maken welke uitspraken wetenschappelijk zijn en welke niet. Carnap komt tot de slotsom dat alle wetenschappelijke uitspraken uiteindelijk herleid moeten kunnen worden tot zogenoemde protocolzinnen, waarin empirische observaties of meetgegevens worden geformuleerd. Tijdens de tweede helft van zijn carrière publiceerde Carnap voornamelijk over het grondslagenonderzoek op het gebied van de wiskunde en de logica. Hij legde zich toe op het ontwikkelen van formele talen, met behulp waarvan filosofische en wetenschappelijke problemen op een helderder, minder misverstanden veroorzakende wijze kunnen worden geformuleerd.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.