Jacques Derrida

(1930-2004) Franse filosoof van joods-Algerijnse afkomst. Wordt gerekend tot de postmodernisten. Studeerde in Parijs en verdiepte zich aanvankelijk in de fenomenologie van Husserl . Later raakte hij onder de invloed van Nietzsche, Heidegger, Freud en Levinas. Hij hield zich vooral bezig met het interpreteren en becommentariëren van teksten van de belangrijkste denkers van de westerse traditie. Daarbij ontwikkelde hij de methode van de deconstructie. Speciale aandacht besteedde hij aan de 'taligheid' van teksten, de valkuilen van de taal waarin filosofen tuimelen (in die zin is zijn benadering verwant aan die van Wittgenstein). Een belangrijke stelling van Derrida is dat de betekenis van teksten niet zozeer berust op hun verwijzing naar de buitentalige werkelijkheid als wel op hun vervlechting met andere teksten (intertekstualiteit). Vanaf de jaren negentig mengde hij zich ook steeds meer in het politieke debat, waarbij hij vooral kritisch was ten aanzien van de hegemoniepolitiek van de VS en Israël.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.