Husserl

Edmund (1859-1938) Duitse filosoof, grondlegger van de fenomenologie. Hij begon met zich af te vragen wat de status is van de logische en wiskundige waarheden en concludeerde dat deze niet empirisch noch psychologisch kunnen worden gefundeerd. Ze vormen een geheel eigen, zelfstandig domein, waar we naar verwijzen als we een uitspraak doen. Zo komt Husserl tot de gedachte dat er onafhankelijk van onze psyche en van de zintuiglijke objecten een zelfstandige, ideële wereld bestaat. We kunnen deze ideële wereld alleen benaderen door een onmiddellijk, intuïtief schouwen (Wesensschau). De fenomenologische methode nu levert de instrumenten om tot het zuivere wezen van de dingen door te dringen. Het belangrijkste instrument is het 'tussen haakjes zetten' (fenomenologische reductie), het buiten beschouwing laten van bepaalde elementen van het onmiddellijk gegevene. In de eerste plaats moet men zich onthouden van een eigen oordeel over de zaak (epoche) en in de tweede plaats moet men afzien van het bijzondere individuele bestaan van de zaak. Husserl heeft in zijn werk talrijke voorbeelden gegeven van een dergelijke benadering. Zijn methode vond in de twintigste eeuw veel weerklank: veel denkers, onder anderen Scheler, Heidegger en Sartre hebben haar in hun filosofie toegepast.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.