deconstructie
Kernbegrip uit de filosofie van Jacques Derrida; samentrekking van destructie en constructie. Het is een methode waarmee filosofische of andersoortige teksten worden geïnterpreteerd. Voorop staat de gedachte van het structuralisme dat de betekenis van iets verklaard moet worden in termen van het talige systeem waarin het is opgenomen. Vervolgens worden er factoren bij de interpretatie betrokken die schijnbaar buiten de tekst vallen zoals de uiterlijke kenmerken en de vormgeving van een tekst en de onuitgesproken vooronderstellingen van de auteur. De tekst wordt met zijn taligheid geconfronteerd en zo als het ware tegen zichzelf gekeerd.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
