vitaminen

Groep van onderling nogal verschillende organische verbindingen die in kleine hoeveelheden voor de stofwisseling van mens en dier onmisbaar zijn en die worden gekenmerkt door het feit dat het lichaam ze niet zelf kan maken. Onderscheiden worden wateroplosbare en vetoplosbare vitaminen. Tot de eerste groep behoren het vitamine B‑complex en vitamine C . Tot de tweede de vitamines A, D, E en K. Vitamine D kan door het lichaam strikt genomen wel worden gemaakt, mits het pro‑vitamine D beschikbaar is. Vitamine K wordt door de darmbacteriën gemaakt en hoeft men dus niet met de voeding naar binnen te krijgen.
Vitamine A is noodzakelijk voor de functie van de staafjes in het netvlies van het oog, bij tekort ontstaat nachtblindheid. Vitamine B is belangrijk voor de aanmaak van de cellen van het bloed en het zenuwstelsel. Vitamine C bevordert de genezing van wonden en botbreuken; bij gebrek ontstaat scheurbuik. Vitamine D speelt een rol bij de botaanmaak en is noodzakelijk ter voorkoming van rachitis (Engelse ziekte). Vitamine K is onmisbaar bij de bloedstolling.
Zie ook
pernicieuze anemie .

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste president van de Verenigde Staten van Amerika?


JUIST!NIET JUIST!

George Washington

poldermodel

De in Nederland gebruikelijk vorm van besluitvorming waarin, voordat belangrijke politieke beslissingen worden genomen, de meest belanghebbende partijen zoals werkgevers en werknemers met de overheid in gesprek gaan. Het woord verwijst naar de samenwerking van polderbewoners die eeuwenlang nodig was om gezamenlijk de polders voldoende droog te houden door bemaling. De besluitvorming die met 'polderen' wordt aangeduid kan grotendeels ook als corporatisme worden opgevat.