oog
Het ook is het gezichtsorgaan met als belangrijkste delen de oogbol, zenuwen en vaten. De oogbol is opgebouwd uit drie lagen: de buitenste laag is de harde oogrok (sclera), waaraan de oogspieren zijn bevestigd en die aan de voorkant overgaat in het hoornvlies (cornea).
Het middelste deel is het vaatvlies, dat aan de voorzijde het regenboogvlies (iris) vormt, het gekleurde (meestal blauwe of bruine) deel van het oog rondom de pupil. Door samentrekking of door verwijding reguleert de iris de hoeveelheid licht die het oog via de pupil binnenkomt. De binnenste laag is het netvlies (de retina), waar de lichtprikkels via zintuigcellen worden waargenomen en van waaruit de prikkels via de gezichtszenuw (nervus opticus) naar de hersenen worden geleid.
Er zijn twee typen zintuigcellen te onderscheiden: de staafjes voor zwart‑witwaarnemingen en de kegeltjes voor het kleuren zien. Voor in het oog bevindt zich de lens, een doorzichtige, glasachtige bol, die een bepaalde breking van de lichtstralen veroorzaakt en zo het waargenomen voorwerp scherp op het netvlies afbeeldt.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
