chromosoom

Een chromosoom is een microdeeltje waarin het DNA en de eiwitten van de celkern (nucleus) zich samenballen. Een cel is diploïd als alle chromosomen dubbel aanwezig zijn, elk afkomstig van één van de ouders. Bij de meeste dieren en planten is dit de 'normale' conditie voor alle cellen van het lichaam, behalve de voortplantingscellen (gameten: eicellen en zaadcellen), die zijn haploïd en hebben slechts één stel chromosomen. Elke soort heeft een karakteristiek aantal chromosomen. De mens heeft er 46: 22 paren en 2 geslachtschromosomen: het X‑ en het Y-chromosoom. Een vrouwelijk organisme heeft twee X‑chromosomen. Een mannelijk organisme heeft een X‑chromosoom en een Y‑chromosoom. De chromosomen zijn door hun grootte en specifieke opbouw van elkaar te onderscheiden. Bij sommige ziekten zijn afwijkingen van het aantal en/of de bouw van de chromosomen vastgesteld.
Zie ook chromosoomonderzoek.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke kathedraal werden vroeger Franse koningen gekroond?


Media > print, radio en televisie

onderzoeksjournalistiek

Ook wel 'investigating journalism' genoemd. Arbeidsintensieve vorm van journalistiek, met de bedoeling belangrijke verborgen feiten boven water te krijgen en handel en wandel van publieke personen en instellingen te onthullen. Schoolvoorbeeld is het Watergate-schandaal.