cel

De cel is de basiseenheid van alle levende organismen. In de cel spelen zich elementaire stofwisselingsprocessen af, aangestuurd door de celkern (nucleus), die het erfelijk materiaal bevat in de vorm van chromosomen. Alle organen zijn uiteindelijk opgebouwd uit cellen. In de cel liggen diverse celorganellen, elk met een eigen functie, zoals Golgi-apparaat, ribosomen en mitochondriën, ingebed in het protoplasma, samen het cytoplasma genoemd. Elke cel wordt begrensd door een structuur die de cel van zijn omgeving scheidt. Deze celmembraan is opgebouwd uit vetten en eiwitten. De celmembraan is zeer kieskeurig met betrekking tot het transport van stoffen. Voedingsstoffen kunnen van buiten naar binnen, afvalstoffen gaan uitsluitend van binnen naar buiten. Bij plantencellen is de celmembraan nog door een celwand omgeven.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Van wie is de beroemde natuurkundige formule E = mc2?


JUIST!NIET JUIST!

Albert Einstein

Verlichting

Verzamelterm voor de opvattingen in de achttiende eeuw die het vrije, kritische denken centraal stelden en die de rede als uitgangspunt namen. De Verlichting werd voorbereid door het rationalisme, dat in de zeventiende eeuw de kern van het natuurwetenschappelijk denken werd. Men geloofde dat de mens door het verwerven van kennis uiteindelijk vrij gemaakt kon worden van bijgeloof en vooroordeel. Soms leidde dat tot vormen van atheïsme. Dit vooruitgangsgeloof van de verlichte denkers ('philosophes') manifesteerde zich het sterkst in de in Parijs geredigeerde Encyclopédie.