groepsimmuniteit

Groepsimmuniteit is de bescherming die iemand die niet immuun is voor een infectieziekte ondervindt doordat een groot deel van de bevolking wel immuun is voor deze infectieziekte. Wanneer mensen immuun zijn kunnen zij de infectie niet gemakkelijk overdragen. De immuniteit die zij hebben opgebouwd, kan het gevolg zijn van het feit dat men de infectieziekte heeft doorgemaakt of dat men daarvoor is gevaccineerd. In beide gevallen ontwikkelt men dan antistoffen die afhankelijk van de ziekte gedurende een bepaalde periode bescherming bieden tegen een besmetting.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.