Plato

(geboren Aristocles, 428-348 v. Chr.) Griekse filosoof, leerling van Socrates , leraar van de veel encyclopedischer ingestelde Aristoteles . Bedenker van de 'Ideeënleer' (die onze wereld ziet als een schaduw van de volmaakte wereld van de eeuwige Vormen), maar voor de literatuurgeschiedenis vooral van belang door de 'dialogen' waarin hij de debatterende Socrates opvoert te midden van zijn leerlingen en tegenstanders. In de Politeia buigt hij zich over de ideale staat, in Symposium over het wezen van de liefde, en in Phaedo beschrijft hij de dood van Socrates.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef de opera Le nozze di Figaro?


JUIST!NIET JUIST!

Mozart

pidgin

\'Werktaal\' tussen mensen die geen gemeenschappelijke taal hebben, maar toch moeten samenwerken of handeldrijven. Basis is een samenraapsel van uitdrukkingen, constructies en woorden uit de moedertalen van de deelnemers. Pidgins hebben een beperkt vocabulaire, een beperkte grammatica, en dus beperkte mogelijkheden. Ze kunnen zeer lang bestaan als \'markttaal\', die door niemand thuis gebezigd wordt, zoals het Sabir, dat vanaf de Middeleeuwen tot in de twintigste eeuw langs de kusten van de Middellandse Zee in gebruik was. Wordt een pidgin eenmaal de moedertaal van een nieuwe generatie, dan spreken we van een creooltaal.
Zie ook
creolistiek.