Socrates

(470-399 v.Chr.) Griekse filosoof, leermeester van Plato. Was een van de weinige niet-schrijvende filosofen. Hij werd op beschuldiging van het creëren van nieuwe goden en het bederven van de jeugd door het stadsbestuur van Athene tot de gifbeker veroordeeld. Zijn filosofie kennen we alleen uit de dialogen van Plato, waarbij niet altijd duidelijk is in hoeverre deze laatste zijn eigen denkbeelden Socrates in de mond legt.
Anders dan zijn voorgangers houdt Socrates zich niet bezig met natuurfilosofie, maar uitsluitend met ethiek. Socrates ging met zijn medeburgers in gesprek om samen met hen het wezen van de deugd, het wezen van het Goede te achterhalen. Hij was er vast van overtuigd dat de mens van nature goed is en tot de deugd geneigd. Het gaat erom te weten wat het goede is, het doen volgt dan vanzelf. Wie kwaad doet, doet dat alleen uit onwetendheid. De belangrijkste kennis is zelfkennis, vandaar zijn voorliefde voor het opschrift van de Apollotempel te Delphi: 'Ken uzelf.' De waarheid ligt al in de mens, de kunst is haar naar boven te halen. Daarvoor hanteerde hij de methode van de maieutiek (vroedvrouwmethode): door het stellen van gerichte vragen de waarheid bij de gesprekspartner naar boven halen, zoals de vroedvrouw de baby uit zijn moeder verlost.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste president van de Verenigde Staten van Amerika?


JUIST!NIET JUIST!

George Washington

poldermodel

De in Nederland gebruikelijk vorm van besluitvorming waarin, voordat belangrijke politieke beslissingen worden genomen, de meest belanghebbende partijen zoals werkgevers en werknemers met de overheid in gesprek gaan. Het woord verwijst naar de samenwerking van polderbewoners die eeuwenlang nodig was om gezamenlijk de polders voldoende droog te houden door bemaling. De besluitvorming die met 'polderen' wordt aangeduid kan grotendeels ook als corporatisme worden opgevat.

De 10 meest gezochte woorden en begrippen van de afgelopen week

  1. oxidatie
  2. mektab
  3. agnosticisme
  4. cognitieve dissonantie
  5. Pallas Athene
  6. structuralisme
  7. Watergateschandaal
  8. Narcissus
  9. NSB
  10. Furiën