hellenisme

Grieks-oosterse mengcultuur die opbloeide na de verovering en kolonisatietochten van Alexander de Grote.
Centra van het hellenisme waren de koninkrijken van de diadochen (opvolgers) van Alexander: het Seleucidenrijk in Klein-Azië, het Griekenland van de Antigoniden, en Ptolemaeïsch Egypte.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Door wie laten kunstenaars zich graag inspireren?


JUIST!NIET JUIST!

Muzen

parlementaire democratie

Regeringsvorm waarin de wetgevende macht ligt bij een door middel van vrije verkiezingen gekozen vertegenwoordigers van de burgerij. De uitvoerende macht ligt bij de regering die verantwoording aflegt aan dit gekozen parlement. Burgers nemen dus alleen indirect en niet rechtstreeks deel aan de besluitvorming.