Stoa

Wijsgerige school, gesticht door Zeno van Citium (350-264 v.Chr.), voortgezet door Cleanthes (ca. 250 v.Chr.) en Chrysippus (280-209 v.Chr.).
De ethiek speelde in deze leer de belangrijkste rol; fysica en logica waren er ondergeschikt aan. Het hoogste ideaal van de stoïsche ethiek bestond in een leven overeenkomstig de natuur. In concreto predikten zij onverschilligheid ten aanzien van allerlei vormen van pijn, en standvastigheid te midden van de wisselvalligheden van het leven.
De stoïsche ethiek was nog een nabloei beschoren in het Rome van de eerste twee eeuwen na Christus (Seneca, Epictetus en keizer Marcus Aurelius).

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.