Stoa

Wijsgerige school, gesticht door Zeno van Citium (350-264 v.Chr.), voortgezet door Cleanthes (ca. 250 v.Chr.) en Chrysippus (280-209 v.Chr.).
De ethiek speelde in deze leer de belangrijkste rol; fysica en logica waren er ondergeschikt aan. Het hoogste ideaal van de stoïsche ethiek bestond in een leven overeenkomstig de natuur. In concreto predikten zij onverschilligheid ten aanzien van allerlei vormen van pijn, en standvastigheid te midden van de wisselvalligheden van het leven.
De stoïsche ethiek was nog een nabloei beschoren in het Rome van de eerste twee eeuwen na Christus (Seneca, Epictetus en keizer Marcus Aurelius).

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.