Aristoteles

(384-322 v.Chr.) Griekse filosoof, met Plato, wiens leerling en tegenvoeter hij was, grondlegger van de westerse filosofie, opvoeder van Alexander de Grote, stichter van de peripatetische school te Athene. In 323 werd hij, net als Plato, van 'goddeloosheid' beticht, waarna hij naar Chalkis vluchtte. Hij was behalve een groot denker een groot observator: zijn wetenschappelijke studies bestrijken alle gebieden van de natuur. Hij ontwikkelde een wetenschappelijke logica als werktuig voor de kunst van het denken, het organon. De werkelijkheid is het resultaat van stof en vorm: de stof is slechts het mogelijke, dat pas realiteit wordt als het vorm aanneemt. De overgang van het mogelijke naar het werkelijke noemt Aristoteles beweging. Deze beweging is zonder begin en einde, dus eeuwig. Aan het begin van deze beweging staat het onbewogene, de zuivere vorm, God, het eeuwig zichzelf denkende denken. De ziel is de vorm van het levende wezen, en bij de mens is die ziel in haar volmaaktste vorm denken, de zuivere rede. Een leven volgens de rede levert voor de mens de grootste gelukzaligheid op. Wijsheid, inzicht en oordeelsvermogen zijn de hoogste deugden: zij stellen de mens in staat het juiste midden te kiezen tussen de uitersten. De mens is van nature een politiek dier, hij kan alleen in een gemeenschap leven en alleen in de staat (de polis) kan hij tot zedelijke volmaaktheid komen. Doel van de staat is het welzijn van de gemeenschap en dat doel bereikt hij door de jeugd en de burgers tot zedelijke flinkheid op te voeden. De filosofie van Aristoteles heeft tot in de middeleeuwen het westerse denken sterk beïnvloed. Hij werd eeuwenlang beschouwd als de absolute autoriteit op zowel het gebied van de wetenschap als dat van de filosofie.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie regisseerde(n) de film Pulp Fiction (1994)?


JUIST!NIET JUIST!

Quentin Tarantino

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)