redelijke termijn
Binnen het straf- en bestuursrecht is dit het tijdsverloop waarbinnen de overheid voortvarend en zonder onredelijke vertraging moet optreden of tot vervolging moet overgegaan. Op Europees niveau schrijft het EVRM voor dat berechting binnen een redelijke termijn moet plaats vinden. Dit is doorgaans een termijn van maximaal twee jaar, waarbinnen een straf- of bestuurszaak tegen een burger moet zijn afgedaan. Deze norm dient ter voorkoming van onredelijke vertraging. Bij de beantwoording van de vraag of in een bepaald geval de redelijke termijn is overschreden, wordt door de rechter een aantal criteria gehanteerd, zoals de ingewikkeldheid van de zaak, het gedrag en de positie van de verdachte, en de houding van de justitiële autoriteiten. Afhankelijk van het soort zaak dient de burger tegen wie de redelijke termijn door de overheid niet in acht is genomen, daarvoor gecompenseerd te worden.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
