overmacht

De onmogelijkheid om een bepaalde handeling te verrichten of na te laten, door omstandigheden die niet aan de betreffende persoon toe te rekenen zijn. Een voorbeeld uit het privaatrecht is de onmogelijkheid om een goed te leveren, als het goed niet beschikbaar is vanwege een uitgebroken oorlog. Een voorbeeld uit het strafrecht is iemand die een handeling pleegt onder bedreiging met de dood.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.