sociale vergelijking
Bij het denken en praten over zichzelf en bij het zelfbeeld dat iemand heeft, neemt men anderen, die in ongeveer dezelfde positie verkeren vaak als referentiepunt. Er is onderscheid tussen neerwaartse en opwaartse vergelijkingen. Beide kunnen zowel een positief als negatief effect hebben. Wie op een bepaald punt aan zichzelf twijfelt kan een opbeurend gevoel overhouden aan de vergelijking met iemand die er nog minder goed voorstaat. Maar het is ook mogelijk dat men zich door identificatie met zo iemand tot de 'losers' voelt horen. Anderzijds kan opwaardse vergelijking eveneens leiden tot een zich minder(waardig) voelen, maar ook tot een zich optrekken aan die ander: 'dat moet ik ook kunnen'.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
