IQ

Intelligentiequotiënt. Een getal waarin iemands intelligentie, zoals gemeten met een intelligentietest, wordt uitgedrukt. Als de test in een bevolking goed genormeerd is, ligt het gemiddelde op 100. Hoogbegaafd noemt men mensen met IQ 's boven de 140; zwakbegaafd mensen met IQ 's tussen de 85 en 70. Het gemeten IQ kan in de eerste levensjaren sterke schommelingen vertonen. Er wordt vaak onderscheid gemaakt tussen een verbaal IQ, gebaseerd op taal en redeneren, en een non‑verbaal of performaal IQ, gebaseerd op intelligente handelingen en inzicht in figuren en ruimtelijke relaties.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.