diffractie

Buiging van een invallende lichtgolf (of andere golf) aan een nauwe opening, of aan een regelmatig patroon van spleten. Wanneer men de golven die door verschillende spleten zijn gepasseerd weer samenstelt, krijgt men een interferentiepatroon: heldere gebieden waar de golven elkaar versterken, gescheiden door donkere gebieden waar ze elkaar uitdoven. De mate van diffractie is afhankelijk van de golflengte (de 'kleur') van het licht. Door diffractie van wit licht aan een rooster van spleten kan men dus een spectrum maken.
Zie ook röntgendiffractie.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.