pollen

Pollen (synoniem: stuifmeel) zijn de mannelijke geslachtscellen van planten. Ze worden in de vorm van stuifmeel in de meeldraden van bloemen gevormd. Een pollenkorrel bestaat uit twee cellen, een voortplantingscel en een buiscel gevat in een dikwandig omhulsel. Het stuifmeel wordt door wind of insecten en misschien ook vleermuizen verspreid. Uit de pollenkorrel groeit een buis, waardoor de spermacel naar de vrouwelijke geslachtscel (eicel) gaat en deze bevrucht. Men spreekt van kruisbestuiving als het bevruchting van een andere plant en van zelfbestuiving als het dezelfde plant betreft. Pollen veroorzaakt hooikoorts bij hiervoor gevoelige men sen.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke klier in het menselijk lichaam maakt insuline aan?


JUIST!NIET JUIST!

alvleesklier

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

adaptatie

Adaptatie is de wijze waarop een levend organisme zich aanpast aan een wijziging van zijn leefomstandigheden. Dat kan gaan om een tijdelijke verandering bij een kortdurende wijziging, zoals vogels die bij felle kou hun verenpak opzetten. De leefomgeving kan ook blijvend veranderen, waardoor sommige organismen bepaalde blijvende eigenschappen ontwikkelen. Deze veranderingen worden erfelijk vastgelegd en aan het nageslacht doorgeven. Zo merkte Darwin op dat de door hem bestudeerde vinken verschillende snavels ontwikkelden al naargelang de omgeving waarin zij leefden.