HLA-systeem

Het HLA-systeem is een ingewikkeld soort bloedgroepensysteem, waarvan de componenten aanvankelijk op de witte bloedcellen werden gesitueerd, maar later op de membranen van vrijwel alle cellen werden gevonden. De complexiteit ervan wordt duidelijk in vergelijking met het bekende AB0-systeem dat op rode bloedcellen zit. Dit laatste leidt uiteindelijk tot vier bloedgroepen (A, B, 0, AB), terwijl het HLA-systeem tot meer dan 1 miljoen verschillende combinaties leidt. Een ander verschil met het AB0-systeem is dat antistoffen tegen HLA-antigenen niet van nature in het bloed aanwezig zijn. We maken pas antistoffen tegen HLA-componenten van lichaamsvreemde cellen als we daarmee in aanraking komen via zwangerschap (het kind erft HLA-antigenen van de vader, die voor de moeder vreemd zijn), bloedtransfusie of transplantatie. De genetische informatie voor de HLA-antigenen is vastgelegd in een aantal genen op chromosoom 6, het Major Histocompatibility Complex (MHC) dat uit minstens twintig genen bestaat, elk met wel honderd allelen, waardoor het MHC een soort biochemische vingerafdruk vormt van elke mens. De HLA-typering (= weefseltypering) speelt een belangrijke rol bij transplantaties. Hoe meer de weefseltypen van donor en ontvanger overeenkomen, hoe kleiner de kans op afstoting van een getransplanteerd orgaan.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste president van de Verenigde Staten van Amerika?


JUIST!NIET JUIST!

George Washington

poldermodel

De in Nederland gebruikelijk vorm van besluitvorming waarin, voordat belangrijke politieke beslissingen worden genomen, de meest belanghebbende partijen zoals werkgevers en werknemers met de overheid in gesprek gaan. Het woord verwijst naar de samenwerking van polderbewoners die eeuwenlang nodig was om gezamenlijk de polders voldoende droog te houden door bemaling. De besluitvorming die met 'polderen' wordt aangeduid kan grotendeels ook als corporatisme worden opgevat.

De 10 meest gezochte woorden en begrippen van de afgelopen week

  1. oxidatie
  2. mektab
  3. agnosticisme
  4. cognitieve dissonantie
  5. Pallas Athene
  6. structuralisme
  7. Watergateschandaal
  8. Narcissus
  9. NSB
  10. Furiën