genetische code

De genetische code is de ‘vertaling’ van DNA naar eiwitten, via RNA en aminozuren. Deze code is opgehelderd aan de hand van de nucleotidenvolgorde van het messenger‑RNA (zie RNA). De 'letters' van de code worden gevormd door de vier nucleotiden adenine (A), cytosine (C), guanine (G) en uracil (U) die in het messenger‑RNA voorkomen. Omdat een volgorde van drie nucleotiden (= een codon) codeert voor de inbouw van één aminozuur, zijn er 64 mogelijke codons, die samen de genetische code vormen. AAA codeert bijvoorbeeld voor lysine, UUU voor fenylalanine. Enkele van de codons voorzien in start‑ en stoptekens.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie werd in het bijbelboek Genisis verkocht door zijn broers en kwam in Egypte terecht?


JUIST!NIET JUIST!

Jozef de aartsvader

temperamenten

Oorspronkelijk de naam voor vier persoonlijkheidstypen die al in de Oudheid onderscheiden werden: het sanguïnische, flegmatische, cholerische en melancholische temperament. Tegenwoordig de naam voor persoonlijkheidsverschillen die in de kinderjaren blijken en tot op zekere hoogte erfelijk zijn. Het gaat daarbij om zaken als de felheid waarmee op prikkels wordt gereageerd, het algemene energie‑ en activiteitsniveau en de mate van extraversie.