maat

In een muziekstuk de regelmatige afwisseling van beklemtoonde en onbeklemtoonde noten van allerlei tijdsduur. Ze bepalen de ritmische structuur. Elke maat duurt een bepaald aantal tellen, die worden verdeeld over de noten in de maat. Zo ontstaan maatsoorten. Die wordt aan het begin van het stuk aangegeven door twee getallen boven elkaar. Het bovenste geeft het aantal tellen binnen de maat aan, het onderste hoelang elke tel duurt. De noot waarop de klemtoon ligt duurt altijd langer dan de onbeklemtoonde. Enkelvoudige maten hebben maar één noot met een klemtoon. Samengestelde maten twee of meer. In het muziekschrift worden maten aangegeven met verticale maatstrepen.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie is de schrijver van het boek 'Utopia'?


JUIST!NIET JUIST!

Thomas More

logica

De leer van het juiste redeneren, waarbij men onderzoekt onder welke omstandigheden redeneringen geldig zijn. De inhoud van de uitspraken waaruit die redeneringen zijn opgebouwd, speelt daarbij geen rol (formele logica). Aristoteles was de eerste filosoof die de logica systematiseerde, waarbij hij zich concentreerde op het syllogisme. De moderne logica is geen onderdeel meer van de filosofie, maar vormt een tak van de wiskunde en valt voor sommige logici zelfs samen met de wiskunde.