kamermuziek
Kamermuziek is klassieke muziek die men in een kleine bezetting (voor twee tot twaalf à vijftien solo-instrumenten) uitvoert en bij wijze van spreken in een (grote) huiskamer kan spelen. In de naam van het betreffende werk wordt meestal het belangrijkste instrument uit de bezetting aangegeven: bijvoorbeeld strijkkwartet, klarinetkwintet, pianotrio, etc. Je kunt daaruit niet altijd duidelijk de bezetting aflezen: een strijkkwartet of strijkkwintet is voor vier respectievelijk vijf strijkinstrumenten geschreven, een klarinetkwintet echter niet voor vijf klarinetten (maar voor klarinet met vier strijkinstrumenten) en een pianotrio niet voor drie piano's (maar voor piano met twee andere instrumenten).
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
