Charles Dickens
(1812-1870) De populairste Engelse romanschrijver uit de 19de eeuw, wiens werk een fundgrube is voor film- en televisiemakers. Als kind in Londen werd hij gedwongen zelfstandig in zijn onderhoud te voorzien, terwijl zijn vader in de schuldenaarsgevangenis verbleef. Deze ervaring bleek de bron van een rijke verbeelding, identificatie met de underdog en groot psychologisch inzicht. Dickens' als feuilleton gepubliceerde romans zijn zeer verschillend van toon: humoristisch (Pickwick Papers, 1837), sentimenteel-moralistisch (zoals het kerstverhaal A Christmas Carol, 1843) en maatschappijkritisch (Oliver Twist). In Bleak House (1853) en het ironische Great Expectations (1861) concentreerde Dickens zich op zijn belangrijkste thema, de relatie tussen geld en karaktervorming. Zie Scrooge en Twist.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
