surrealisme

Surrealisme is een internationale, filosofische en artistieke beweging die zich vanaf 1920 in Parijs manifesteerde en zich de gehele twintigste eeuw indringend zou laten gelden in alle domeinen van de cultuur. In het bijzonder van de literatuur en de beeldende kunst.
De stuwende kracht achter de beweging was de dichter en legerpsychiater André Breton die 'manifesten' schreef om aan zijn denkwijzen vorm en publiciteit te geven. Daarin verklaarde hij bijvoorbeeld dat het "surrealisme een weg is naar een geestelijke wereld vol eindeloze mogelijkheden, een weg naar een bepaald moment in de geest, waarop leven en dood, echt en ingebeeld, verleden en toekomst, verwoordbaar en niet verwoordbaar niet langer worden ervaren als tegenstellingen".
Dit 'surreële moment' waarop tegenstellingen samenvallen, wordt bereikt door droombeelden, associaties en klankwoorden te laten opborrelen uit het onderbewuste, buiten beïnvloeding door het verstand, in een toestand van trance of hypnose, die op zichzelf wordt opgewekt door vrije associatie, alcohol en geestverruimende middelen. Belangrijke beeldend kunstenaars die zich tot het surrealisme rekenden zijn Max Ernst, André Masson, Salvador Dali (die evenals Max Ernst overigens door Breton uit de beweging werd gezet) Yves Tanguy en Juan Miró.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke acteur speelde de hoofdrol in een serie films rondom Jason Bourne?


JUIST!NIET JUIST!

Matt Damon

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.