Caesar

Gaius Julius Caesar (100-44 v Chr.). Veldheer, schrijver, staatsman en 'dictator' in de laatromeinse republiek. Veroverde als 'proconsul' (gouverneur) het merendeel van Frankrijk (toen nog Gallië geheten), België en Engeland. In 49 v Chr. ontketende hij een burgeroorlog door met zijn leger de Italiaanse grensrivier de Rubico over te steken ('alea iacta est' - de teerling is geworpen). Na de overwinning op zijn rivaal Pompeius en een korte veldtocht in Klein-Azië ('veni vidi vici' - ik kwam, ik zag, ik overwon) werd hij dictator (alleenheerser) voor het leven. Op de Idus (vijftiende dag) van maart 44 v Chr. werd hij door bezorgde republikeinen onder leiding van zijn vriend Brutus ('et tu Brute' - ook gij, Brutus?) vermoord.
Over de moord op Caesar en de daaropvolgende burgeroorlog schreef Shakespeare toneelstukken.
Caesars beschrijvingen van de door zijn troepen gevoerde 'Gallische oorlog' tegen de stammen die in de Noordelijke streken woonden, waaronder Friezen, (andere) Germanen en Kelten, zijn de oudste en eerste teksten over de mensen die hier woonden.
Het woord keizer is afgeleid van Caesar. Hoewel Caesar wel de macht naar zich toe trok als een soort alleenheerser, was hij nog geen keizer, want Rome was in die tijd nog een republiek. Zijn opvolger, Octavianus, kreeg nog meer macht en in het verlengde daarvan de eretitel 'keizer Augustus' en dat wordt gewoonlijk als het begin van het 'Keizerrijk' Rome beschouwd, ook omdat het een erfelijk instituut werd.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.