woningnood

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden vrijwel geen nieuwe woningen gebouwd en door bombardementen op steden als Arnhem, Den Haag, Eindhoven, Nijmegen en Rotterdam waren er ook veel verloren gegaan. Dit gevoegd bij de plotselinge bevolkingsgroei van na de oorlog maakte dat er een geweldig te kort aan woonruimte ontstond die de regering dwong tot woningdistributie. Mensen die alleenstaand of met kleine gezinnen in grote huizen woonden kregen inwoning van jonge stellen, in sommige gemeenten ook onvrijwillig. Woningen die vrij kwamen werden door gemeentelijke bureaus huisvesting toegewezen aan mensen die op een wachtlijst stonden. Ook wie eigenaar was van een woning kon niet zelf bepalen wie daarin kon wonen. Tijdens de wederopbouw werden in snel tempo anderhalf miljoen goedkope huurwoningen gebouwd die inmiddels voor een groot deel weer gesloopt zijn. Eind jaren '60 raakte de woningnood voorbij al was ook toen nog het 'kraken' van woningen en gebouwen een alternatief voor jonge mensen die geen betaalbare woonruimte konden vinden.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke filosofische stroming is met name door Jean-Paul Sartre vormgegeven?


JUIST!NIET JUIST!

existentialisme

gelijkenissen

Verhalen, doorgaans aan het gewone leven ontleend, aan de hand waarvan in de bijbel een godsdienstige waarheid wordt uitgebeeld en uitgelegd. Een bekende gelijkenis uit het Oude Testament is die van het lam van de arme man (2 Samuël 12). Bekende gelijkenissen van Jezus zijn: de verloren zoon (Lucas 15), de arbeiders in de wijngaard (Mattheüs 20) en de barmhartige Samaritaan (Lucas 10).