woningnood
De woningnood van de vorige eeuw ontstond doordat tijdens de Tweede Wereldoorlog vrijwel geen nieuwe woningen werden gebouwd en door bombardementen op steden als Arnhem, Den Haag, Eindhoven, Nijmegen en Rotterdam waren er ook veel verloren gegaan. Dit gevoegd bij de plotselinge bevolkingsgroei van na de oorlog maakte dat er een geweldig te kort aan woonruimte ontstond die de regering dwong tot woningdistributie. Mensen die alleenstaand of met kleine gezinnen in grote huizen woonden kregen inwoning van jonge stellen, in sommige gemeenten ook onvrijwillig. Woningen die vrij kwamen werden door gemeentelijke bureaus huisvesting toegewezen aan mensen die op een wachtlijst stonden. Ook wie eigenaar was van een woning kon niet zelf bepalen wie daarin kon wonen. Tijdens de wederopbouw werden in snel tempo anderhalf miljoen goedkope huurwoningen gebouwd die inmiddels voor een groot deel weer gesloopt zijn.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
