Nieuwe waterweg

Al vanaf de achttiende eeuw konden schepen uit Rotterdam niet meer over de bochtige Maas naar zee varen, doordat de monding teveel was verzand. Van en naar Rotterdam moest een lange tocht gemaakt worden via de Zuid-Hollandse en Zeeuwse waterwegen.
In 1864 werd daarom begonnen met de voorbereidende werkzaamheden aan het strand en in de zee, waar twee grote dammen aangelegd moesten worden om het opnieuw verzanden van de monding tegen te gaan. Twee jaar later begon men met het graven van het kanaal naar zee en zes jaar later was de 30 kilometer lange 'Nieuwe waterweg' klaar. Toen konden ook de nieuwe stoomboten – met hun grotere diepgang dan de zeilschepen van voorheen – de stad bereiken, en dat zonder het oponthoud van sluizen zoals in de haven van Amsterdam. Het water uit Maas en Rijn stroomde nu zo goed naar zee dat het zoute zeewater geen kans maakte ver naar binnen te dringen. De uitbouw en bloei van de Rotterdamse haven was begonnen.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef het verhaal over Mowgli, het kind dat bij wolven woonde?


JUIST!NIET JUIST!

Rudyard Kipling

erfgoed

Betreft de zorg voor wat ons als samenleving rest uit het verleden. Het is dus breder dan de term 'monument', die in hoofdzaak voor gebouwen gebruikt wordt, maar omvat ook archeologisch erfgoed en 'immaterieel' erfgoed, zoals gebruiken, kennis etc. Het is het geheel van verhalen, plekken, gebouwen en objecten die binnen een groep van generatie op generatie wordt overgedragen.

Zie ook het hoofdstuk Gebouwd erfgoed