Koninklijke olie

De Koninklijke Maatschappij tot Exploitatie van Petroleum Bronnen in Nederlandsch-Indie, werd opgericht in 1890 in Den Haag. Doel was de winning en raffinage van aardolie. Daartoe werd van A.J.Zijlker, die in de voorgaande jaren olie gevonden had op Sumatra, ten noorden van Medan, de concessie overgenomen, die hem was verleend door de Emir van Langkat, .
Onder leiding van J.B.Aug Kessler, in 1891 in dienst gekomen en in 1893 tot directeur benoemd, werd na grote moeilijkheden met succes de productie van lampolie gestart. In 1896 trad Henri Deterding toe tot de directie om leiding te geven aan de export van de lampolie, naar omringende Aziatische landen.
In 1900 nam Deterding, na de onverwachte dood van Kessler, de algehele leiding over, daarin bijgestaan door Ir Hugo Loudon die in 1894 in dienst was getreden. Onder Deterdings bewind groeide het bedrijf uit tot een van de grootste olieondernemingen in de wereld. Naast lampolie werden benzine en dieselolie steeds belangrijker, bijvoorbeeld voor auto's, vliegtuigen en de scheepvaart.
In 1907 brachten de Koninklijke Olie en de Shell Transport and Trading Company al hun belangen onder in een nieuwe houdster maatschappij: de Koninklijke Shell Groep.
De Koninklijke bezat 60 procent, Shell 40 procent van de aandelen in deze maatschappij. Beide werkmaatschappijen behielden een grote zelfstandigheid.
Eerst onlangs werden de maatschappijen volledig samengevoegd tot Royal Dutch Shell. (Ph.J. K)

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke componist schreef het muziekstuk Le Carnaval des Animaux?


JUIST!NIET JUIST!

Camille Saint-Saëns

retoriek

Oorspronkelijk bij de oude Grieken de leer der welsprekendheid. De tegenwoordige betekenis is minder gunstig: bombastisch en gezwollen taalgebruik. Een retorische vraag is een schijnvraag, omdat de vragensteller niet werkelijk een antwoord verwacht (bijvoorbeeld: 'wou je soms zeggen dat het allemaal wel meevalt?').