droogmakerijen

Na eeuwen van kleinschalige drooglegging van ondiepe plassen en meertjes door er dijkjes omheen te leggen werd in 1607 door Amsterdamse kooplieden besloten het grote meer De Beemster, ten Noorden van Amsterdam, tot een polder te maken. Een ringvaart en ringdijk werden aangelegd en 43 windmolens gebouwd die het water uit het meer naar de omringende vaart moesten oppompen.
In 1612 was het land zo droog geworden dat arbeiders er een geometrisch patroon van sloten in konden graven die voor een blijvende goede afwatering van regen- en grondwater dienden. Wegen werden aangelegd en boerderijen gebouwd. Een technisch en economisch goed doordacht plan van een tot dan ongekend grote omvang was in een paar jaar tijd gerealiseerd. Het unieke karakter van dit pionierswerk is beloond met plaatsing op de Werelderfgoedlijst van de Unesco.
Latere grote polders, zoals ook van de grote en gevaarlijke Haarlemmermeer, zijn volgend dezelfde principes, maar met moderner middelen, drooggelegd.
Zie ook
Leeghwater) en Beemster in het hoofdstuk Gebouwd erfgoed.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke filosofische stroming is met name door Jean-Paul Sartre vormgegeven?


JUIST!NIET JUIST!

existentialisme

gelijkenissen

Verhalen, doorgaans aan het gewone leven ontleend, aan de hand waarvan in de bijbel een godsdienstige waarheid wordt uitgebeeld en uitgelegd. Een bekende gelijkenis uit het Oude Testament is die van het lam van de arme man (2 Samuël 12). Bekende gelijkenissen van Jezus zijn: de verloren zoon (Lucas 15), de arbeiders in de wijngaard (Mattheüs 20) en de barmhartige Samaritaan (Lucas 10).