daglichtpapier

(Engels: printing out paper, P.O.P.) Een groep fotopapieren die met daglicht belicht moet worden en van 1839 tot circa 1950 werd gebruikt. De belichting vond altijd plaats in contact met het negatief. In tegenstelling tot ontwikkelpapier, waar het beeld pas ná ontwikkeling zichtbaar wordt, ontstaat het beeld bij daglichtpapier tijdens de belichting. Daarom spreekt men ook van voluitdrukkend daglichtpapier. Tot deze groep papieren behoort onder andere de zoutdruk, het albuminepapier en het celloïdinepapier.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie werd in het bijbelboek Genisis verkocht door zijn broers en kwam in Egypte terecht?


JUIST!NIET JUIST!

Jozef de aartsvader

temperamenten

Oorspronkelijk de naam voor vier persoonlijkheidstypen die al in de Oudheid onderscheiden werden: het sanguïnische, flegmatische, cholerische en melancholische temperament. Tegenwoordig de naam voor persoonlijkheidsverschillen die in de kinderjaren blijken en tot op zekere hoogte erfelijk zijn. Het gaat daarbij om zaken als de felheid waarmee op prikkels wordt gereageerd, het algemene energie‑ en activiteitsniveau en de mate van extraversie.