John Stuart Mill

(1806-1873) Engelse filosoof en econoom. Naast Auguste Comte de belangrijkste denker van het positivisme. Omdat de ervaring de enige bron van kennis is, is de psychologie de grondslag van de filosofie: zij onderzoekt de bewustzijnsinhouden en levert daarmee de bouwstenen van de kennis. Kennis komt alleen door ordening tot stand en voor deze ordening zorgt de methode van de inductie. Inductie is de enig toegestane wetenschappelijke methode en de enige leverancier van wetmatigheden en zekere kennis. Zelfs de zo zuivere wetenschappen als wiskunde en de logica zijn door middel van inductie tot stand gekomen.
Op ethisch gebied is Mill een aanhanger van het utilitarisme. Hij schreef een invloedrijk boek over staatsinrichting (On Liberty) waarin hij aangaf op welke manier een maximale individuele vrijheid van het individu binnen de staat kan worden gegarandeerd. Ook schreef hij - opmerkelijk voor een filosoof in die tijd - een bevlogen verhandeling over de rechten van de vrouw in de moderne maatschappij (The Subjection of Women).

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Tijdens welke oorlog werden de gewonden verzorgd door Florence Nightingale en haar team?


JUIST!NIET JUIST!

Krimoorlog

logica

De leer van het juiste redeneren, waarbij men onderzoekt onder welke omstandigheden redeneringen geldig zijn. De inhoud van de uitspraken waaruit die redeneringen zijn opgebouwd, speelt daarbij geen rol (formele logica). Aristoteles was de eerste filosoof die de logica systematiseerde, waarbij hij zich concentreerde op het syllogisme. De moderne logica is geen onderdeel meer van de filosofie, maar vormt een tak van de wiskunde en valt voor sommige logici zelfs samen met de wiskunde.