Jean-Jacques Rousseau

(1712-1778) Franse filosoof, schrijver en componist. Verwierf internationale roem met zijn bestsellers Julie ou La nouvelle Héloïse (1761), een liefdesroman in brieven, en de ontwikkelingsroman Émile ou de l'éducation (1762), een evangelie van de opvoeding (vreemd genoeg bracht Rousseau zijn eigen vijf onwettige kinderen allen onder in een tehuis voor vondelingen).
Op filosofisch gebied presenteerde hij zich met twee artikelen naar aanleiding van prijsvragen: Discours sur les arts et les sciences (1750) en Discours sur l'origine et les fondements de l'inégalité parmi les hommes (1754). Daarin toont hij aan dat de mens van nature goed is (de nobele wilde) en slechts ontaardt door toedoen van de cultuur (die steunt op het instituut van de eigendom, het begin van alle kwaad). Alles is goed wanneer het uit de handen van de Schepper komt, alles degenereert in de handen van de mens. Dus: terug naar de natuur!
Rousseaus belangrijkste bijdrage aan de filosofie is zijn politieke verhandeling over het maatschappelijke verdrag, Du contrat social (1762), waarin hij nagaat hoe mensen, die van oorsprong vrij zijn, in een maatschappelijk verband kunnen leven zonder hun vrijheid volledig op te geven. Dat doen zij door het sluiten van een maatschappelijk verdrag, waarin alle individuen hun individuele wil opofferen ten gunste van een algemene wil (volonté général). Die algemene wil, de belichaming van alle individuele willen, is de hoogste autoriteit in de maatschappij, de soevereine wetgevende instantie. De burgers behouden hun vrijheid doordat ze slechts hoeven te gehoorzamen aan wetten die door de algemene wil, dus uiteindelijk door henzelf, zijn opgesteld. Het is niet overdreven te stellen dat Rousseau met zijn kritiek op de bestaande orde en zijn theorie over de volonté général de theoretische basis heeft gelegd voor de Franse Revolutie.
Zijn postuum verschenen autobiografie Confessions (1883-1888) vormt een monument in de wereldliteratuur en is tevens een monument van zelfrechtvaardiging.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.