hofdansen

Uit volksdansen voortgekomen gezelschapsdansen waarmee de Europese aristocratie van de 13de tot en met de 18de eeuw uitdrukking gaf aan een voorname en verfijnde levenshouding. Ze vormden een essentieel onderdeel van de hofcultuur en zowel heren als dames dienden deze goed te beheersen. Als toppunt van elegantie gold het languissante 18de-eeuwse menuet.
Uit de hofdansen ontstonden de hofballetten, het begin van de westerse theaterdans, met name van de academische dans: feestelijke, op pracht en praal gerichte vertoningen in paleizen waarbij de hovelingen zelf dansten terwijl beroepskunstenaars muziek, zang en toneelspel verzorgden. Als eerste geldt Het verhalende ballet van koningin Louise aan het Franse hof (1581). Hoogtepunt was het hofballet onder Lodewijk XIV.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.