Jakob en Esau

Tweelingzonen van Isaäk. Jakob verwierf het eerstgeboorterecht van Esau in ruil voor een schotel linzenmoes (Genesis 25) en door bedrog van zijn blinde vader (Genesis 27). In deze leugenachtige 'eerstgeborene' portretteert Israël zichzelf ('de eerstgeborene onder de volkeren' - zie ook uitverkiezing). Toch laat God Jakob niet los (hij ziet in Bethel de hemel open - Genesis 28) en na vele omzwervingen en innerlijke strijd (het nachtelijk gevecht met de engel aan de rivier de Jabbok - Genesis 32) keert de held naar huis terug en verzoent zich met zijn broeder. Esau, 'de ruwbehaarde' jager, woonde in Seïr ('harig'), ook wel Edom genoemd. Hij werd stamvader van de Edomieten en vertegenwoordigt in deze verhalen de (heidense) volkeren.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welk dier wordt gezien als symbool voor wijsheid?


JUIST!NIET JUIST!

uil

ethiek

Zedenleer, moraalfilosofie. Het praktische deel van de filosofie dat zich bezighoudt met de bestudering van de zeden en probeert vast te stellen wat goed is en wat slecht. De ethiek kan beschrijvend zijn of normatief en in dat laatste geval stelt ze normen, voorschriften en wetten op. De normatieve ethiek probeert dus vragen te beantwoorden als: 'Wat is goed?' 'Hoe moeten we handelen?' 'Waarom moeten we zo handelen?'