modernisme

Stroming en periode in de westerse literatuur van de eerste helft van de 20ste eeuw, gekenmerkt door stilistische experimenten, twijfel aan traditionele waarden, en een geloof in de verheffende functie van literatuur. Zie ook T.S. Eliot, Gide, Hemingway, Joyce, Musil, Proust en Virginia Woolf.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke Oost-Europese componist schreef de symfonie Uit de Nieuwe Wereld?


JUIST!NIET JUIST!

Antonín Dvorák

utopie

Utopie is een in de fantasie geconstrueerde ideale (maatschappelijke) toestand, afgeleid van de titel van het beroemde traktaat Utopia (1516) van Thomas More, die men vrij zou kunnen vertalen met \'Nergenshuizen\'. \'Topos\' is Grieks voor \'plaats\' en de \'u\' kan staan voor het Griekse \'ou\' dat \'niet\' betekent (een niet bestaande plaats); de \'u\' kan ook staan voor het Griekse \'eu\' dat \'goed\' betekent (een goede plaats).
In een utopie wordt volledig recht gedaan aan de morele en rationele principes van de mens. In deze fantasiewereld wordt vaak kritiek op de bestaande orde geprojecteerd en is de utopie een aanklacht tegen sociale ongelijkheid, economische uitbuiting of seksuele repressie.

Het tegenovergestelde van de utopie is de dystopie, een verre van ideale samenleving. \'Dys\' is in het Grieks \'slecht\' (een slechte plaats). In de geneeskunde wordt de term dystopie gebruikt om een afwijkende ligging van organen aan te duiden (verkeerde plaats).