taalverloedering

Een verschijnsel dat veel mensen denken te horen of lezen in het taalgebruik van anderen, vaak jongeren, wanneer dat afwijkt van hun eigen taalgebruik. 'Anders' wordt dan beleefd als 'fout'. Meestal gaat het om taalveranderingen (nieuwe woorden en manieren van zeggen, het als minder 'grof' beleven van scheldwoorden), die van alle tijden en alle talen zijn, en waarover dan ook altijd en overal geklaagd is. Dat anderen zich niet houden aan een handvol taalregels die men zelf – vaak met moeite – heeft geleerd (hen/hun, groter als/groter dan), wordt dikwijls als taalverloedering aangemerkt. Ook in spelfouten (ik wordt, begravenis) en voorstellen de spelling te wijzigen ziet men nogal eens (de dreiging van) taalverloedering . Bij dat laatste wordt over het hoofd gezien dat formele afspraken over de manier waarop een taal in schrift wordt weergegeven, die taal zelf niet veranderen.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Tijdens welke oorlog werden de gewonden verzorgd door Florence Nightingale en haar team?


JUIST!NIET JUIST!

Krimoorlog

logica

De leer van het juiste redeneren, waarbij men onderzoekt onder welke omstandigheden redeneringen geldig zijn. De inhoud van de uitspraken waaruit die redeneringen zijn opgebouwd, speelt daarbij geen rol (formele logica). Aristoteles was de eerste filosoof die de logica systematiseerde, waarbij hij zich concentreerde op het syllogisme. De moderne logica is geen onderdeel meer van de filosofie, maar vormt een tak van de wiskunde en valt voor sommige logici zelfs samen met de wiskunde.