de Nieuwe Figuratie

Hoewel deze term als verzamelnaam in 1964 voor een veel grotere groep kunstenaars was gebruikt, bleef zij vanaf midden jaren '60 verbonden met het spel met beeldtradities, in die tijd, in het werk van Reinier Lucassen, Alphons Freijmuth en Pieter Holstein. Bij de laatste ging het om vervreemdende beelden en situaties uit de realiteit, op de wijze van kinderboekillustraties gebracht. De andere twee hadden gemeenschappelijk dat zij in hun werk een ironisch spel speelden met beeld- en stijlcitaten, en cliché's uit de moderne schilderkunst, waarmee zij een bepaald aspect van de pop-art op schilderkunstige wijze uit leken te werken. De Amerkaanse pop-kunstenaars Roy Lichtenstein en Tom Wesselman waren hen hierin voorgegaan. Hun bewondering ging echter vooral uit naar De Engelse pop-kunstenaar David Hockney. Lucassen was op het spoor gebracht van het spel met beeldtradities door de Vlaamse kunstenaar Roger Raveel, die in zijn werk expressionistische figuratie combineert met geometrisch abstracte vormen, en positieve en negatieve beelden. Een samenwerkingsverband van Raveel, en enkele andere verwante Vlaamse kunstenaars, met Lucassen werd in België 'De Nieuwe Visie' genoemd. Zowel in België als in Nederland zijn verschillende kunstenaars in hun werk verwant te noemen aan 'De Nieuwe Visie' en/ of 'De Nieuwe Figuratie'.
Zie ook
citationisme, pop-art en Charlotte Mutsaers.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wat is in de klassieke muziek de aanduiding voor een langzaam tempo?


JUIST!NIET JUIST!

adagio

Aarde, weer en klimaat > weer, klimaat en atmosfeer

klimaatverandering

Het klimaat verandert voortdurend in de loop van de geologische geschiedenis. Gedurende lange perioden in de afgelopen honderden miljoenen jaren is de aarde ijsvrij geweest, afgewisseld door perioden met veel ijs. Gedurende de laatste 10.000 jaar leven we in een betrekkelijk warme periode. Naar het oordeel van de meeste klimatologen verandert het wereldwijde klimaat nu ook door menselijk toedoen.De temperatuurtoename gedurende de afgelopen 50 jaar kan waarschijnlijk grotendeels aan de invloed van de mens worden toegeschreven. Door het broeikaseffect zou het klimaat in de loop van deze eeuw nog aanzienlijk warmer kunnen worden. Over de grootte en de regionale verdeling van deze klimaatverandering bestaat nog aanzienlijke onzekerheid, zowel door onvoldoende kennis van het klimaatsysteem als door onzekerheid over de toekomstige uitstoot van broeikasgassen. Ondanks deze onzekerheid heeft een groot aantal landen, op grond van het zogeheten Voorzorgsbeginsel, afspraken gemaakt om de uitstoot van broeikasgassen te beperken.
Zie ook Klimaatverdrag, Kyoto Protocol en ijstijden.
Zie ook Klimaatconferentie Kopenhagen 2009 en Klimaatakkoord van Parijs 2015.