Aeneas

(Grieks: Aineias) In de Griekse mythologie de zoon van de godin Afrodite en de sterveling Anchises, een broer van Priamos, de koning van Troje. Aeneas vocht mee in de Trojaanse oorlog. Hij werd de aanvoerder van de Trojanen, nadat Hektor en Paris waren gesneuveld. In de Ilias van Homerus speelt hij een bescheiden rol. In de Aeneis van Vergilius ontvluchtte hij na de val van Troje de brandende stad met zijn oude vader op zijn rug en met zijn zoontje aan de hand. Na tal van omzwervingen leed hij schipbreuk bij Carthago. Koningin Dido werd verliefd op hem. Toen hij op bevel van oppergod Zeus naar Italië vertrok, pleegde zij zelfmoord. Aeneas werd door de Romeinen als de stamvader van het Romeinse volk beschouwd. Romulus en Remus zouden zijn nakomelingen zijn. Julius Caesar en de eerste Romeinse keizer Augustus beweerden van Aeneas af te stammen. Daarmee meenden zij hun heerschappij een goddelijke status te verschaffen.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie regisseerde(n) de film Pulp Fiction (1994)?


JUIST!NIET JUIST!

Quentin Tarantino

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)