bloedgroep

De bloedgroep wordt bepaald door de specifieke erfelijke samenstelling van eiwitten op de buitenkant van de rode bloedcellen. De bekendste bloedgroepsystemen zijn het abo‑systeem, waarbij vier bloedgroepen worden onderscheiden (A, B, AB en O), en het resusfactorsysteem (Rh+ en Rh‑). Deze eiwitten zijn van groot belang bij een bloedtransfusie; als de bloedgroepen van donor en ontvanger niet bij elkaar passen, ontstaat een bloedtransfusiereactie, die kan variëren van vrij onschuldig tot ernstig en heftig.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welk volk in Midden/Zuid-Amerika stond bekend om hun astronomische kennis en piramides?


JUIST!NIET JUIST!

Maya's

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

adaptatie

Adaptatie is de wijze waarop een levend organisme zich aanpast aan een wijziging van zijn leefomstandigheden. Dat kan gaan om een tijdelijke verandering bij een kortdurende wijziging, zoals vogels die bij felle kou hun verenpak opzetten. De leefomgeving kan ook blijvend veranderen, waardoor sommige organismen bepaalde blijvende eigenschappen ontwikkelen. Deze veranderingen worden erfelijk vastgelegd en aan het nageslacht doorgeven. Zo merkte Darwin op dat de door hem bestudeerde vinken verschillende snavels ontwikkelden al naargelang de omgeving waarin zij leefden.