Spaanse griep
De Spaanse griep duurde van 1918 tot 1919 was een grote griepepidemie ('pandemie') tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog. Ontstond niet in Spanje maar hoogstwaarschijnlijk in de Verenigde Staten en werd door Amerikaanse soldaten meegenomen naar Europa. Toen er in Spanje mensen aan stierven werd er daar in de kranten het eerst over bericht, vandaar de naamgeving. Van de Amerikanse soldaten in Europa stierven er 43.000 aan deze griep, tegen 50.000 aan gevechtshandelingen. In het neutrale Nederland stierven 27.000 personen aan besmetting met het toen nog onbekende griepvirus. Wereldwijd ging het naar schatting om twintig tot veertig miljoen doden. De ziekte trof merkwaardigerwijs vooral mensen in de leeftijdscategorie met het sterkste immuunsysteem, jongeren en volwassenen tot een jaar of 40. Vandaar ook het grote aantal doden onder de soldaten.
Deze pandemie was een rechtstreeks gevolg van de wereldoorlog, omdat in die jaren alleen de massale troepenverplaatsingen, ook nadat de oorlog was afgelopen, de verspreiding over zoveel landen mogelijk maakte.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
