vruchtgebruik

Het recht op de opbrengst van een goed van iemand anders, de vruchten ervan te plukken. Soms letterlijk, als het gaat om het recht op het fruit uit een boomgaard van een ander. Meestal figuurlijk, zoals het recht op de rente van een niet-eigen bankrekening. Dit speelt bijvoorbeeld binnen het erfrecht. Een weduwe kan het vruchtgebruik hebben over het deel van het kapitaal van haar overleden man, dat de kinderen hebben geërfd.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie werd in het bijbelboek Genisis verkocht door zijn broers en kwam in Egypte terecht?


JUIST!NIET JUIST!

Jozef de aartsvader

temperamenten

Oorspronkelijk de naam voor vier persoonlijkheidstypen die al in de Oudheid onderscheiden werden: het sanguïnische, flegmatische, cholerische en melancholische temperament. Tegenwoordig de naam voor persoonlijkheidsverschillen die in de kinderjaren blijken en tot op zekere hoogte erfelijk zijn. Het gaat daarbij om zaken als de felheid waarmee op prikkels wordt gereageerd, het algemene energie‑ en activiteitsniveau en de mate van extraversie.