Chomsky

Noam (1928) Amerikaanse taalkundige, grondlegger van en nog altijd centrale figuur binnen de generatieve taalkunde. Die probeert het aangeboren vermogen te doorgronden en te beschrijven dat alle mensen, ongeacht hun intelligentie, in staat stelt ongeveer even snel de taal van hun omgeving te leren. Daarmee verschoof het zwaartepunt binnen het taalkundig onderzoek van het zo gedetailleerd mogelijk beschrijven van talen, naar de vraag hoe pasgeborenen al die verschillende talen kunnen leren, kortom: naar de vraag wat de gemeenschappelijke basis van al die talen is. De taalkunde luidde door die invalshoek mede het begin in van wat later de cognitiewetenschappen ging heten: het onderzoek naar de werking van 'hogere hersenfuncties' zoals zien, geheugen, aandacht en bewustzijn.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wat was in vroegere tijden een symbool van gastvrijheid?


JUIST!NIET JUIST!

ananas

hoofsheid

Aan de hoven ontstane ridderlijke gedragscode waarbij zelfbeheersing en dienstbaarheid aan vrouw, heer en kerk de hoofdrol speelden. Hoofse liefde was de ridderlijke bewondering voor een voor hem onbereikbare vrouw. Aan haar droeg hij bijvoorbeeld zijn overwinningen op.