gedragsmodificatie

Term uit de behavioristische leerpsychologie. Wanneer door conditionering bepaalde prikkels of belevenissen bij een patiënt of cliënt gekoppeld zijn geraakt aan ongewenste gedragsreacties, probeert een behandelaar die koppeling in een systematisch afleerproces te verminderen en via een aanleerproces te vervangen door gewenste gedragsreacties. Het kan hierbij gaan om ingeslepen gewoonten, maar ook om angstreacties, zoals bij bepaalde fobieën.
Zie ook
gedragstherapie en Pavlov.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.