Anton Pannekoek

(1873-1960) Hoogleraar sterrenkunde te Amsterdam. De meeste van zijn talrijke publicaties die hem internationale faam bezorgden, berustten op eigen waarnemingen met vrij simpele instrumenten of zelfs met het blote oog. Hij concludeerde dat ons Melkwegstelsel geen homogene verzameling van sterren is maar een structuur bezit, die later door spiraalarmen gevormd bleek te zijn.
Hij schreef aan het einde van zijn loopbaan een opmerkelijk boek over de geschiedenis van de sterrenkunde: De groei van ons wereldbeeld, waarin deze geschiedenis voor het eerst wordt geplaatst in het kader van de ontwikkeling van de mensheid, met name in de antieke oudheid.
Pannekoek was minstens zo zeer geïnteresseerd in het marxisme als in de wetenschap. Vele publicaties over het marxisme verschenen van zijn hand en hij kende tussen de twee wereldoorlogende belangrijkste communistische politici (vooral Duitse) persoonlijk of was zelfs met hen bevriend. In eigen land kwam deze overtuiging hem op belemmeringen in zijn loopbaan te staan.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Van welke filosoof is de grondstelling Cogito ergo sum (ik denk dus ik ben)?


JUIST!NIET JUIST!

Descartes

brandstofcel

Apparaat dat uit brandstof (bijvoorbeeld waterstof) rechtstreeks elektriciteit produceert. Dit proces is te beschouwen als het omgekeerde van elektrolyse, waarbij water wordt ontleed in waterstof en zuurstof. De geproduceerde elektriciteit kan dan bijvoorbeeld worden gebruikt om een elektrische auto aan te drijven. Het grote voordeel van een brandstofcel is dat het rendement ervan (40-60%) aanzienlijk hoger ligt dan dat van de traditionele verbrandingsmotor, die een rendement van maximaal 25% (benzinemotor) tot 30% (dieselmotor) haalt. Een brandstofcel vraagt wel katalysatoren, bijvoorbeeld platina, waardoor ontwikkeling en grootschalige inzet vooralsnog moeizaam verlopen.