Dionysos

(Latijn: Bacchus) In de Griekse mythologie de god van de landbouw, de vruchtbare natuur, de wijnbouw en van het plezier en de dans. Hij was de zoon van Zeus en Semele, de dochter van Kadmos. Hij werd oorspronkelijk vereerd in Thracië (het huidige Macedonië) en Frygië (Noord-West Turkije, ten oosten van Troje), waar hij waarschijnlijk eenzelfde functie had als de landbouwgodin Demeter. In de tijd van Homerus was Dionysos nog geen vooraanstaande god, maar later werd hij steeds belangrijker. Vaak wordt hij afgebeeld met een druiventros of wijnbeker in de hand en een krans van druivenbladeren op zijn hoofd. Bacchanalen waren orgiastische feesten in Rome, gekenmerkt door dronkenschap.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke componist schreef het muziekstuk Le Carnaval des Animaux?


JUIST!NIET JUIST!

Camille Saint-Saëns

retoriek

Oorspronkelijk bij de oude Grieken de leer der welsprekendheid. De tegenwoordige betekenis is minder gunstig: bombastisch en gezwollen taalgebruik. Een retorische vraag is een schijnvraag, omdat de vragensteller niet werkelijk een antwoord verwacht (bijvoorbeeld: 'wou je soms zeggen dat het allemaal wel meevalt?').